Artikel door Yvette Juch
Wie een moderne tuin wil, komt al snel uit bij pampasgras. De indrukwekkende pluimen geven een exotische uitstraling en zijn populair in borders en als decoratie. Maar achter die elegante verschijning schuilt een probleem. Natuurorganisaties luiden de noodklok: pampasgras ontsnapt op steeds meer plekken uit tuinen en dreigt uit te groeien tot een nieuwe invasieve exoot.
1 plant kan duizenden zaden verspreiden
Het gevaar zit vooral in de enorme hoeveelheid zaden die pampasgras produceert. Een volwassen plant kan honderdduizenden, en soms zelfs meer dan een miljoen, lichte zaden vormen. De wind voert deze kilometers ver mee, waardoor ze gemakkelijk terechtkomen in natuurgebieden, bermen, duinen en braakliggende terreinen. Daar kunnen ze razendsnel ontkiemen en nieuwe kolonies vormen.
Daardoor blijft het probleem niet beperkt tot de eigen achtertuin. Wie 1 plant laat uitgroeien, kan onbedoeld bijdragen aan de verspreiding in de omgeving.
Inheemse planten verdwijnen
Zodra pampasgras zich vestigt, groeit het uit tot grote, dichte pollen. Die nemen veel ruimte in beslag en verdringen kwetsbare inheemse plantensoorten. Dat heeft gevolgen voor insecten, vogels en andere dieren die afhankelijk zijn van de oorspronkelijke begroeiing.
Volgens deskundigen kan dit uiteindelijk leiden tot een afname van de biodiversiteit. Juist kwetsbare natuurgebieden zijn gevoelig voor zulke snel oprukkende exoten.
Verwijderen is een flinke klus
Wie denkt een ongewenste plant eenvoudig uit de grond te trekken, komt vaak bedrogen uit. Pampasgras ontwikkelt een krachtig wortelstelsel waardoor oudere planten lastig te verwijderen zijn. Vaak is veel graafwerk nodig om te voorkomen dat de plant opnieuw uitloopt.
Daarom adviseren natuurorganisaties om zaailingen zo vroeg mogelijk weg te halen. Hoe jonger de plant, hoe eenvoudiger de bestrijding.
Niet weggooien in de natuur
Ook het afvoeren van snoeiafval verdient aandacht. Pluimen met rijpe zaden of worteldelen mogen nooit in de natuur of op een groenstrook worden gedumpt. Zelfs kleine resten kunnen opnieuw uitgroeien of voor verdere verspreiding zorgen.
Lever plantenresten daarom in via de daarvoor bestemde afvalstromen van de gemeente of volg de lokale richtlijnen voor groenafval.
Steeds meer aandacht voor invasieve tuinplanten
Pampasgras is niet de eerste sierplant die voor problemen zorgt. Ook soorten als Japanse duizendknoop en reuzenberenklauw laten zien hoe snel een populaire tuinplant kan veranderen in een ecologische hoofdpijn.
De oproep van natuurorganisaties is dan ook duidelijk: kijk kritisch naar wat je in de tuin zet. Een fraaie blikvanger van vandaag kan morgen een probleem vormen voor de natuur.
